Home |  Scuba Women |  Meer over duiken |  Foto's |  Links |  Boeken
Meer over duiken

Geschiedenis van het duiken
Duikapparatuur
Veelgestelde vragen

Duikapparatuur

Een duikuitrusting bestaat uit een aantal vaste onderdelen. Klik op het plaatje voor meer informatie over een bepaald onderdeel van de duikuitrusting:

 

Persluchtfles Ademautomaat Console Jacket Duikbril Loodgordel Duikpak Vinnen

De belangrijkste onderdelen van een duikuitrusting zijn:

Naar begin pagina Het duikpak zorgt ervoor dat je warm blijft onder water. Omdat water warmte veel sneller geleidt dan lucht, krijg je het onder water veel sneller koud dan boven water. Een duikpak heb je dan ook bijna altijd nodig. Duikpakken zijn er in verschillende diktes, voor verschillende watertemperaturen en ze kunnen worden gedragen met of zonder handschoenen, schoentjes of kap.

 
Naar begin pagina Met behulp van het jacket, ook wel BCD (Buoyancy Control Device) genoemd, kun je je drijfvermogen onder water regelen. Het jacket is aangesloten op de persluchtfles, waardoor je met één druk op een knop lucht in het jacket kunt laten of lucht eruit kunt laten. Hoe meer lucht er in het jacket zit, hoe groter (positiever) het drijfvermogen van de duiker.
Aan de achterkant van het jacket wordt de persluchtfles bevestigd.

 
Naar begin pagina De ademautomaat bestaat uit een eerste trap, die aan de persluchtfles wordt bevestigd, en een tweede trap, die je in je mond houdt. De eerste trap en de tweede trap zijn met elkaar verbonden via een slang. De ademautomaat zorgt ervoor dat de lucht uit de persluchtfles, die onder hoge druk staat, tot ongeveer dezelfde druk wordt teruggebracht als de omgevingsdruk, zodat je de lucht kunt inademen.
De meeste duikers duiken met twee ademautomaten: een eigen ademautomaat en een reserveautomaat, de octopus, die in geval van nood door de buddy kan worden gebruikt.

 
Naar begin pagina De console bevat meestal een dieptemeter, een manometer en een kompas.
Om je duik te kunnen plannen en veilig te laten verlopen, moet je weten hoe diep je bent. Dit kun je zien op je dieptemeter. Deze geeft je huidige diepte aan en de maximale diepte die je tijdens je duik hebt bereikt.
Verder moet je op elk moment tijdens je duik kunnen controleren hoeveel lucht er nog in je fles zit. Hiervoor gebruik je je manometer.
Een kompas, ten slotte, gebruik je om onder water te navigeren en je weg terug te vinden naar de plek waar je het water in bent gegaan.

 
Naar begin pagina De fles met perslucht bevat lucht die onder hoge druk is gebracht (ongeveer 200 bar), zodat er zo veel mogelijk lucht in de fles past. Persluchtflessen zijn er in verschillende maten, varërend van 5 liter tot 20 liter. De meeste duikers gebruiken een fles van 10 of 12 liter.
Een fles van 10 liter die is gevuld met 200 bar, bevat in werkelijkheid 2000 liter lucht. Hoe lang je met deze hoeveelheid lucht kunt duiken is afhankelijk van een aantal factoren:
  • Fitte duikers en ervaren duikers verbruiken minder lucht dan duikers met een slechte conditie en beginnende duikers.
  • Als je een ondiepe duik maakt, verbruik je minder lucht dan wanneer je een diepe duik maakt.
  • Tijdens een rustige duik zonder stroming verbruik je minder lucht dan tijdens een inspannende duik.

Gemiddeld gebruikt een duiker rond de 25 liter lucht per minuut. Met een fles van 10 liter zou je dan in theorie ongeveer 80 minuten kunnen duiken.

 

Naar begin pagina Een duikbril zorgt ervoor dat je iets ziet onder water. Als je zonder duikbril onder water probeert te kijken, zie je niet scherp. Dit komt doordat water veel dichter is dan lucht en hier is het menselijk oog niet op afgestemd. Een duikbril creëert een luchtruimte voor de ogen, waardoor je wél scherp kunt zien onder water.
Een duikbril kan niet alle vervorming onder water wegwerken; ook met een duikbril op lijkt alles wat je onder water ziet 25% groter en 25% dichterbij dan in werkelijkheid.

 
Naar begin pagina Met behulp van de vinnen kun je je gemakkelijker voortbewegen onder water. De vinnen vergroten als het ware het oppervlak van je voeten, waardoor je met één zwemslag veel meer water kunt verplaatsen dan wanneer je geen vinnen zou dragen.

 
Naar begin pagina De loodgordel zorgt ervoor dat je zinkt. Zonder loodgordel heb je te veel positief drijfvermogen en blijf je aan de oppervlakte drijven. De hoeveelheid lood aan de loodgordel is afhankelijk van verschillende factoren:
  • Hoe zwaarder de duiker, hoe meer lood hij nodig heeft.
  • In zout water heb je meer lood nodig dan in zoet water.
  • Hoe dikker je duikpak, hoe meer lood je nodig hebt.

     

 

Home |  Scuba Women |  Meer over duiken |  Foto's |  Links |  Boeken